Fast fashion is zeer goedkoop, maar onze planeet betaalt wel een flinke prijs. De mode-industrie moet duurzamer worden, maar een groene, sociale en economische transformatie is voor veel modemerken bepaald niet eenvoudig. Het Europese project Just Fashion, gecoördineerd door de Universiteit Antwerpen, heeft specifiek als doel om kmo’s in de Europese modesector te ondersteunen bij het maken van deze transitie.
Wist je dat de Europese textiel- en kledingindustrie meer dan 160.000 bedrijven omvat en 1,5 miljoen mensen aan het werk houdt, en daardoor dus erg belangrijk is voor onze economie? Wereldwijd werken er meer dan 75 miljoen mensen in de mode en het is een van de meest invloedrijke sectoren. Maar achter de glamour en de groei – de kledingbranche alleen al is sinds 2000 twee keer zo groot geworden – gaat het probleem schuil van de negatieve impact op het milieu en de maatschappij. Deze wordt door sommigen op de tweede plaats gezet, na de olie- en gasindustrie en mijnbouw, aangezien het gaat om 10% van alle CO2-uitstoot ter wereld (dus meer dan de luchtvaart en scheepvaart samen), verbruik van 25% van de chemicaliën en 20% van de kunststoffen die wereldwijd worden geproduceerd, en 20% van de jaarlijkse vervuiling door industrieel afvalwater. Constante trends en de grillen van de modeconsumenten leiden tot overproductie, waardoor natuurlijke hulpbronnen uitgeput raken.
Bovendien is de toeleveringsketen van een kledingstuk – van grondstof tot eindproduct – vaak niet transparant. Dit gebrek aan transparantie en traceerbaarheid maakt het aanpakken van de milieu- en sociale gevolgen des te uitdagender. Gelukkig gloort het besef dat het nodig is om te veranderen aan de horizon.
Bedrijven ondersteunen
De Europese Commissie selecteerde het Horizon-voorstel Just Fashion, van een consortium onder leiding van de Universiteit Antwerpen, om deze duurzame transitie mogelijk te maken. Het betreft een samenwerking tussen twintig Europese partners, waaronder drie internationale universiteiten, en andere stakeholders (zoals de European Fashion Alliance en Flanders DC). Samen zullen ze essentiële ondersteuning bieden aan kleine en middelgrote modebedrijven en zo hun inspanningen op het gebied van duurzaamheid bevorderen. “We voorzien zes bedrijven in verschillende Europese landen van de nodige vaardigheden, tools en begeleiding om hun bedrijfsmodellen te transformeren, waarbij elk bedrijf zich richt op een ander aspect van circulariteit”, legt professor Annick Schramme (Universiteit Antwerpen, Faculteit Bedrijfswetenschappen en Economie) uit. Zij is expert op het gebied van modemanagement en coördinator van het project.
Het project helpt modebedrijven ook op weg met de naleving van een reeks EG-beleidsmaatregelen die zijn ingevoerd om van de EU het eerste klimaatneutrale continent te maken tegen 2050. “Om dit te bereiken zullen we AI-tools inzetten om bedrijven te helpen zich proactief aan te passen aan de nieuwe Europese regelgeving”, zegt Annick Schramme. Het algemene doel van het project is niet alleen om de mode-industrie te vergroenen, maar ook om circulaire en levensvatbare modebedrijven te ondersteunen, creativiteit op waarde te schatten en inclusieve maatschappelijke praktijken te bevorderen.”
Fast fashion is zeer goedkoop, maar onze planeet betaalt wel een flinke prijs. De mode-industrie moet duurzamer worden, maar een groene, sociale en economische transformatie is voor veel modemerken bepaald niet eenvoudig. Het Europese project Just Fashion, gecoördineerd door de Universiteit Antwerpen, heeft specifiek als doel om kmo’s in de Europese modesector te ondersteunen bij het maken van deze transitie.
Wist je dat de Europese textiel- en kledingindustrie meer dan 160.000 bedrijven omvat en 1,5 miljoen mensen aan het werk houdt, en daardoor dus erg belangrijk is voor onze economie? Wereldwijd werken er meer dan 75 miljoen mensen in de mode en het is een van de meest invloedrijke sectoren. Maar achter de glamour en de groei – de kledingbranche alleen al is sinds 2000 twee keer zo groot geworden – gaat het probleem schuil van de negatieve impact op het milieu en de maatschappij. Deze wordt door sommigen op de tweede plaats gezet, na de olie- en gasindustrie en mijnbouw, aangezien het gaat om 10% van alle CO2-uitstoot ter wereld (dus meer dan de luchtvaart en scheepvaart samen), verbruik van 25% van de chemicaliën en 20% van de kunststoffen die wereldwijd worden geproduceerd, en 20% van de jaarlijkse vervuiling door industrieel afvalwater. Constante trends en de grillen van de modeconsumenten leiden tot overproductie, waardoor natuurlijke hulpbronnen uitgeput raken.
Bovendien is de toeleveringsketen van een kledingstuk – van grondstof tot eindproduct – vaak niet transparant. Dit gebrek aan transparantie en traceerbaarheid maakt het aanpakken van de milieu- en sociale gevolgen des te uitdagender. Gelukkig gloort het besef dat het nodig is om te veranderen aan de horizon.
Onderstaande partners maken deel uit van het Just Fashion-consortium.